1-fase of 3-fase:
wat is het verschil?
In de meterkast komt u termen tegen zoals 1-fase, 3-fase en krachtstroom. Ze hebben met elkaar te maken, maar betekenen niet hetzelfde. In dit artikel leest u wat de verschillen zijn en wat die voor een woning betekenen.

Wat is een 1-faseaansluiting?
Bij een 1-faseaansluiting heeft de installatie één fase en een nul. Tussen fase en nul staat ongeveer 230 volt. De groepen in de groepenkast verdelen deze voeding over bijvoorbeeld verlichting, stopcontacten en afzonderlijk aangesloten apparaten.
Een aansluitwaarde zoals 1 × 35 A betekent dat er één fase met een hoofdbeveiliging van 35 ampère beschikbaar is. Een 1-faseaansluiting is niet altijd 35 ampère: ook andere aansluitwaarden komen voor.
Wat is een 3-fasenaansluiting?
Een 3-fasenaansluiting heeft drie fasen en een nul. Tussen iedere fase en de nul staat ongeveer 230 volt. Tussen twee fasen staat ongeveer 400 volt. Gewone 230V-stopcontacten kunnen dus ook onderdeel zijn van een 3-fase-installatie.
Een veelvoorkomende aansluitwaarde voor woningen is 3 × 25 A. Dat betekent 25 ampère per fase. Door de groepen over de drie fasen te verdelen, kan meer vermogen gelijktijdig beschikbaar zijn dan bij bijvoorbeeld 1 × 35 A.
Hoeveel vermogen is beschikbaar?
Het aantal fasen vertelt niet het hele verhaal. Ook de aansluitwaarde in ampères is belangrijk. Onderstaande rekenvoorbeelden gaan uit van 230 volt per fase en een arbeidsfactor van 1.
| Aansluiting | Berekening | Vermogen |
|---|---|---|
| 1 × 35 A | 230 × 35 | circa 8,1 kW |
| 1 × 40 A | 230 × 40 | circa 9,2 kW |
| 3 × 25 A | 3 × 230 × 25 | circa 17,3 kW |
Bij 3 × 25 A is dit vermogen verdeeld over drie fasen. U kunt het totaal dus niet op één fase gebruiken. Bovendien hebben afzonderlijke groepen en apparaten hun eigen grenzen. Het werkelijk bruikbare vermogen hangt af van de installatie en de aangesloten belasting.
Is 3-fase hetzelfde als krachtstroom?
De termen worden vaak door elkaar gebruikt. Een 3-fasenaansluiting maakt het mogelijk om een geschikte aansluiting voor een 400V-apparaat aan te leggen. Maar de aanwezigheid van drie fasen betekent niet dat alle apparaten op 400 volt werken.
Een gewone contactdoos blijft 230 volt leveren. Voor een apparaat dat meerdere fasen nodig heeft, zijn een passende groep, bekabeling en aansluiting nodig. Het aansluitschema van de fabrikant bepaalt hoe het apparaat moet worden aangesloten.
Hoe herkent u uw aansluiting?
Controleer de aansluitgegevens bij uw netbeheerder. Vaak staan ze ook op uw energierekening. De aanduidingen op de elektriciteitsmeter kunnen een aanwijzing geven: bijvoorbeeld 230 V bij 1-fase of 3 × 230/400 V bij 3-fase.
Het uiterlijk of het aantal groepen in de groepenkast is op zichzelf geen betrouwbaar bewijs. Verwijder geen afschermingen en open geen verzegelde onderdelen om het aantal draden te tellen.
Wanneer is 3-fase zinvol?
Een andere aansluiting kan nodig zijn als meerdere grote verbruikers tegelijk moeten werken. Denk aan een combinatie van elektrisch koken, een warmtepomp en het laden van een elektrische auto. Of 3-fase nodig is, hangt af van de apparaten, hun aansluiting en het gelijktijdige gebruik.
Een nieuwe groepenkast verandert de netaansluiting niet vanzelf. Voor een overstap moeten zowel de aansluiting van de netbeheerder als de installatie in het pand geschikt zijn. Laat daarom eerst de huidige situatie en het verwachte gebruik beoordelen.
Het belangrijkste verschil
Bij 1-fase wordt het beschikbare vermogen via één fase geleverd. Bij 3-fase kan de belasting over drie fasen worden verdeeld. De passende keuze hangt af van de aansluitwaarde, de installatie en wat u tegelijk wilt gebruiken.
Bronnen en verdere uitleg
- Enexis Netbeheer — 1-fase, 3-fase en krachtstroom
- Liander — aansluitingen en aansluitwaarden
- Enexis Netbeheer — voorbereiding in de meterkast
Dit artikel geeft algemene uitleg. De uitvoering en mogelijkheden verschillen per installatie.
